vrijdag 29 juli 2011

Jongensboekenromantiek



Column, eerder gepubliceerd in de bijlage ‘Gulliver’ van het Nederlands Dagblad op 29 juli 2011.

De kleine Theodorus Thijssen zat een paar jaar op de lagere school Lr. G. aan de Prinsengracht toen hij meester Wopkes kreeg. Deze deftige man liet zijn leerlingen altijd schriftelijk werken. Als ze klaar waren mochten ze een boek uit de kast halen en gaan lezen. Ze mochten het boek meenemen naar huis en het daar uitlezen. De boeken in de kast schenen uit de privébibliotheek van de meester te komen.
Toen Theo Thijssen als man van 62 zijn jeugdherinneringen opschreef (In de ochtend van het leven, 1941) wist hij zich zijn jeugd in de Jordaan verbazend gedetailleerd te herinneren. Zo ook zijn lectuur in de klas bij meester Wopkes: ‘ik herinner me een doorworstelen van Elisabeth Musch van v. Lennep en een met gloeiend hoofd genieten van De Schaapherder van Oltmans!’ Het commentaar levert Thijssen zelf: ‘Zonderlinge lectuur voor een achtjarige – maar we waren er doodstil mee.’

Mijn eerste reactie was: zie je wel, vroeger werden kinderen echt al heel vroeg aan volwassenenliteratuur blootgesteld. Van Lennep en Oltmans waren gecanoniseerde auteurs van historische romans. Kennelijk was meester Wopkes niet bang dat hij zijn kindertjes overvroeg. Zet daar de pedagogische schroomvalligheid van nu (zijn ze er wel aan toe? kunnen ze het wel aan? raken ze niet getraumatiseerd?) eens tegenover. Zelfs leerlingen in havo 4 zou je, vinden sommigen, nog geen volwassen boeken mogen voorschotelen.
‘We waren er doodstil mee’- Thijssen gebruikt de ik-vorm als hij zichzelf bedoelt en hier schakelt hij over op de we-vorm. Hij was blijkbaar niet de enige die genoot.

Toen Theo Thijssen bij meester Wopkes in de klas zat, was Elisabeth Musch ruim dertig jaar oud en De schaapherder vijftig jaar. Men stelle zich een moment de huidige achtjarige voor die zich zet aan het lezen van Twee vrouwen (ruim dertig jaar oud) en De donkere kamer van Damokles (ruim vijftig jaar oud).
Ondenkbaar - maar deze vergelijking laat dan ook meteen zien dat mijn eerste reactie onjuist was.
De boeken van Van Lennep en Oltmans lijken eigenlijk opmerkelijk veel op de boeken die ik zelf op de lagere school las: historische ‘jongensboeken’ van P. de Zeeuw J.G.zn. en T. Mateboer en L. Penning. Het waren late loten aan de stam van de historische roman uit de romantiek, over de Tachtigjarige Oorlog, Napoleon en de Boerenoorlog.
Al het naargeestige gepsychologiseer en gemythologiseer in boeken van Mulisch en Hermans – natuurlijk stel je daar je basisschoolkinderen niet aan bloot! Dan liever de veredelend bedoelde avonturenverhalen uit de romantische sfeer.
Wie zoekt naar hedendaagse equivalenten van Oltmans en Van Lennep komt niet uit bij Mulisch en Hermans, maar bij Lewis en Tolkien en Rowling: daar is de spanning, daar zijn de avonturen, daar staan de heldere werelden van goed en kwaad tegenover elkaar. Kinderen willen lezen over helden in een exotische wereld, niet over antihelden in de grauwheid van het nu.
Zijn er ook Nederlandse titels te noemen? Die zullen vast niet afkomstig zijn uit de canon van de moderne literatuur. Voor tegenvoorbeelden houd ik me aanbevolen.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten